De sprekers van TAISIG: prof.mr. Corien Prins

03 juni 2022

Artificial Intelligence verandert de samenleving razendsnel. Je hoeft maar met je ogen te knipperen en er is een nieuwe ontwikkeling gaande. Zo ook binnen Tilburg University. En dus was daar TAISIG: de Tilburg University Artificial Intelligence Special Interest Group. Om alle AI-activiteiten binnen de kennisinstelling te bundelen, te coördineren en te versterken. Onder meer aan de hand van TAISIG Talks en Events; boeiende colleges en thema-avonden met keynote sprekers, die in samenwerking met ecosysteem MindLabs worden georganiseerd. De betreffende sprekers zijn de minsten niet. Wij stellen ze dan ook vol trots stuk voor stuk aan jullie voor. In deze editie van ‘De sprekers van TAISIG’: prof. mr. Corien Prins, hoogleraar aan Tilburg University.

Corien, we beginnen meteen. De wereld van AI staat immers ook niet stil. Dus: wie ben je en wat doe je op professioneel vlak?
Ik ben sinds 1994 hoogleraar aan Tilburg University. Mijn leeropdracht is daar altijd ‘recht en technologie’ geweest, inmiddels nog maar 1 dag in de week. Mijn hoofdfunctie is momenteel die van voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Daar heb ik naast mijn leidinggevende taak ook een inhoudelijke rol; ik neem alle adviestrajecten op het gebied van digitalisering ter hand. Die wat betreft digitale ontwrichting en over artificiële intelligentie, bijvoorbeeld. 

‘De juridische aspecten van informatisering’; het is jouw expertisegebied. Niet het makkelijkste onderwerp om je over te buigen, of wel?
In het begin was het onderwerp vrij overzichtelijk. Toen ging het over softwarecontracten, intellectueel eigendom en privacykwesties. Maar nu heeft het inderdaad werkelijk overal mee van doen. Het raakt de volle breedte van alle rechtsgebieden. Van aansprakelijkheid tot aan bestuurs- en strafrecht. Dat maakt het ingewikkeld, maar tegelijkertijd ontzettend interessant.

Hoe vertel je leken over wat je precies doet? Familie en vrienden tijdens een borrel bijvoorbeeld?
Ik vraag dan vaak of ze wel eens iets online bestellen. En dan: stel dat dit niet aankomt, of je ontvangt iets wat je helemaal niet besteld hebt… Heb je dan dezelfde rechten als wanneer je jouw aankoop in een fysieke winkel had gedaan? Dit soort vraagstukken is – heel simpel gesteld – waar ik mij in het dagelijks leven mee bezighoud. Ik ben een trapje hoger gegaan om op wetenschappelijk niveau over bepaalde concepten na te denken. Over bijvoorbeeld de vraag of personen, waaronder ook politieagenten of politieke leiders vervolgd zouden moeten worden als ze racistische en antisemitische uitlatingen in WhatsApp-groepen plaatsen. Belangrijk is dan de vraag of die appjes nu wel of niet ‘besloten communicatie’ zijn. 

Waar is jouw fascinatie voor dit onderwerp begonnen?
Ik ben eigenlijk per toeval in dit vakgebied terechtgekomen; mijn fascinatie is pas later ontstaan. Na mijn studietijd wilde ik mijn eigen broek ophouden. En dus werd ik student-assistent bij de nieuw op te richten afdeling Recht en Informatica van de Universiteit van Leiden. Daar is het begonnen. Als ik nu de krant lees, vind ik het heerlijk om te bedenken hoe bepaalde kwesties juridisch in elkaar steken. Zo schreef ik ooit een stuk over de volgende vergelijking. Als je een kind in het water ziet vallen, maar zelf doe je niets en het kind verdrinkt vervolgens, dan ben je nalatig. Maar wat als je docent bent en je krijgt via de digitale wereld het vermoeden dat een van jouw leerlingen zichzelf van het leven wil beroven. En je doet niets. Hoe zit het dan?

Op welke manier ben jij aan TAISIG verbonden?
Ik heb onlangs gesproken tijdens TAISIG-events, maar het gaat mij om meer dan enkel die momenten. De events zijn slechts een instrument om een community neer te zetten van mensen die elkaar helpen, inspireren en verder brengen. TAISIG zorgt voor een mooie kruisbestuiving. Zo presenteerde ik tijdens de TAISIG Talk in februari het WRR-rapport ‘Mission AI, The New System Technology’. Ik sprak toen over de ontwikkelingen van AI in verschillende werkvelden en hoe we in Nederland mee kunnen doen met de ‘grote jongens’. En vervolgens werd daar weer vanuit andere perspectieven op gereflecteerd.

Sinds wanneer is dat het geval?
Ik ben er als het ware op afstand in meegenomen. Ik ken Emile Aarts al heel lang. Toen ik decaan van de Tilburg Law School was, was hij decaan aan de Eindhovense universiteit. Wij zaten toentertijd samen in een landelijke commissie en zeiden tegen elkaar: waarom gaan wij als faculteiten niet samenwerken? Wij hadden immers de verantwoordelijkheid om nieuw onderwijs te ontwikkelen. Het werd het begin van JADS; de Jheronimus Academy of Data Science. En zo ben ik uiteindelijk ook TAISIG ingerold. Ik kan er dan ook niet zo goed een specifiek moment op plakken. 

Wat hoop je met jouw inzet te bereiken?
Meerdere dingen. Allereerst vind ik de TAISIG-events een prachtig instrument om informatie te delen. Belangrijk, want ik zie het als mijn taak om mijn kennis aan een ander door te geven. Ik hoef geen jurist van je te maken, maar wil wel alarmbelletjes bij je laten rinkelen, zeg ik altijd. Als ik merk dat dat het geval is, is het de moeite al waard geweest. En een TAISIG-bijeenkomst is wat mij betreft geslaagd als ik weer interessante mensen heb leren kennen en feedback heb gekregen. Zo weet ik door het type vragen na mijn Talks bijvoorbeeld of ik sommige zaken misschien anders uit moet leggen, zodat mijn boodschap beter overkomt.

Wat het vooral is: ik hou van uitdaging. Ik vind het dan ook veel te gemakkelijk om altijd maar in mijn eigen ‘tuintje’ te blijven. Over de schutting kijken en de schutting samen neerzetten is veel spannender. Voor mijn denken over recht en technologie kan ik niet zonder andere disciplines. Wil ik alles inhoudelijk goed op orde hebben, dan heb ik gewoonweg anderen nodig. Ik kan natuurlijk wel zaken in de literatuur opzoeken, maar dat is ook niet alles. Veel leuker is het om elkaar echt te ontmoeten. En dat werkt natuurlijk ook de andere kant op. Interdisciplinariteit is zó belangrijk! Alleen in gezamenlijkheid kunnen we verder komen in onze basiskennis.

Een haalbare kaart op korte termijn? Of vooral nog toekomstmuziek? 
Strikt genomen zijn we hier nooit mee klaar, want de wereld is nooit af. Er zijn altijd nieuwe vraagstukken. We moeten met TAISIG dan ook niet de ambitie hebben om een bepaald eindpunt te realiseren. We hebben alleen wel een goede rugzak nodig om de toekomst in te gaan. Dat levert iets op en leidt weer tot nieuwe ontwikkelingen. Die rugzak moet kwalitatief en wetenschappelijk op orde zijn. Daar werken we samen aan.

Wat maakt een TAISIG-event voor jou de moeite waard?
Wanneer ik het gevoel heb dat mensen wat meer uit hun tuintje willen en kunnen komen en beseffen dat het belangrijke onderwerpen zijn om samen over na te denken en van elkaar te leren. Als je kijkt hoe tech op dit moment onze samenleving verandert en domineert, dan is dat zelfs cruciaal. Ik ben blij als ik merk dat we daarin stappen zetten.

Bréng je tijdens zo’n TAISIG Talk alleen informatie? Of valt er voor jou ook iets te halen?
Nee, het gaat echt om het uitwisselen van informatie. Ik ga dus altijd wijzer naar huis dan dat ik kwam.

Wat zijn de mooiste vragen om tijdens een lezing over dit onderwerp te krijgen?
Als wetenschapper redeneer je soms normatief vanuit lang erkende publieke waarden en fundamentele rechten. En dus zeg je bijvoorbeeld dat we iets moeten doen aan de enorme afhankelijkheid van 5 grote techbedrijven. Uit een idee over vrijheid, individualiteit, enzovoort. Tijdens zo’n Talk krijg je vervolgens de vraag: oké, maar hoe moeten we dat dan doen? Hoe gaan we die wereld nog veranderen? Hoe pakken we het aan? De wet uitleggen vind ik niet zo spannend. Discussies over die hoe-vraag; doe mij die maar!

Wat krijgt de komende tijd jouw onverdeelde aandacht?
Ik ben lid van de redactie van het Nederlands Juristenblad. Vandaag schrijf ik bijvoorbeeld een redactioneel artikel met een link naar de Oekraïne-oorlog. Al is Rusland pas recent binnengevallen, er vinden al jaren Russische cyberaanvallen op Oekraïne plaats. Hackers verspreidden in 2017 bijvoorbeeld ransomware via gehackte Oekraïense boekhoudsoftware. Verzekeringstechnisch een interessante zaak. Want verschillende bedrijven wereldwijd leden hierdoor miljarden verlies, maar de rechter bepaalde recent dat die cyberaanvallen van een paar jaar terug niet onder een ‘act of war’ geschaard mogen worden. En verzekeraars moeten dus wel aan de toen getroffen bedrijven uitkeren. Als het een daad van oorlog was geweest, was dat anders. Inmiddels is de situatie tussen Rusland en Oekraïne veranderd en is er sprake van een fysieke oorlog. Daarmee is het ook de vraag of er nu anders geoordeeld zou worden. Over dergelijke actualiteiten zet ik graag mijn gedachten op papier.

Meer weten over het vakgebied van Corien Prins? En zien hoe zo’n themabijeenkomst van de Special Interest Group eruit kan zien? Je kijkt de TAISIG Talks hier terug. Zien we je bij de volgende editie?